De woningcorporaties AlleeWonen en Woonstichting Etten-Leur (WEL) hebben het voornemen om te fuseren. Hiermee willen zij de kwaliteit en continuïteit van de volkshuisvesting voor nu en in de toekomst versterken. De huurdersorganisaties hebben een belangrijke stem in dit proces.

Tijdens bijeenkomsten in maart zijn de verenigingsraad (Breda, 7 maart) en bewonerscommissies (Roosendaal, 9 maart) geïnformeerd over het fusievoornemen en de rol van de huurders daarin. Zij hebben aangegeven wat zij van belang vinden bij deze voorgenomen fusie en welke aandachtspunten zij zien.

De stem van de huurders is belangrijk

In de Woningwet (ingegaan per 1 juli 2015) is vastgelegd dat huurdersorganisaties instemmingsrecht hebben bij een fusie. Dit is spannend voor de bestuurders van AlleeWonen en WEL, want dit betekent dat zij een verzoek tot fusie alleen kunnen indienen bij de Minister als de drie huurdersorganisaties hebben ingestemd met de fusie. De corporaties hebben daarbij de verplichting om de huurdersorganisaties alle informatie te geven die nodig is voor de huurdersorganisaties om tot een besluit te kunnen komen. De corporaties moeten daarbij aangeven wat de ‘meerwaarde’ is van de voorgenomen fusie.

 Ook de wethouders van de gemeenten Breda, Roosendaal en Etten-Leur geven hun zienswijze op de voorgenomen fusie. Zij beoordelen het fusievoornemen net als de huurdersorganisaties op de volkshuisvestelijke meerwaarde, de voordelen voor huidige en toekomstige huurders en de risico’s en kansen van de fusie. 

Waarom willen de corporaties fuseren?

De woningcorporaties AlleeWonen en WEL werken al een aantal jaren samen binnen een aantal projecten. Zo’n anderhalf jaar geleden zijn de bestuurders van AlleeWonen (Tonny van de Ven) en WEL (Karo van Dongen) gestart met het in beeld brengen van de mogelijkheden en de meerwaarde van verdergaande samenwerking. Dit heeft geleid tot een voorgenomen besluit tot fuseren in de zomer van 2016.

Beide woningcorporaties hebben te maken met veranderingen in de samenleving. Door de toename van het aantal kleine huishoudens (bestaande uit één of twee personen) neemt de behoefte aan kleinere woningen toe. Ook neemt het aantal bijzondere doelgroepen (zoals vergunninghouders en verwarde personen) toe. De invoering van de Woningwet in 2015 heeft ervoor gezorgd dat corporaties woningen met een lage huurprijs alleen nog mogen toewijzen aan huurders met een dusdanig laag inkomen dat zij geen koop- of huurwoning in de vrije sector kunnen betalen.

Door de verhuurdersheffing moeten corporaties jaarlijks ongeveer 10% van hun huuropbrengsten afdragen aan het Rijk. Dit geld kan niet meer worden geïnvesteerd in het betaalbaar houden van de huren, nieuwbouw en onderhoud van woningen.

Ook huurders kregen in de afgelopen jaren te maken met veranderingen. Zo hebben veel huurders van sociale huurwoningen met een laag of modaal inkomen te maken gekregen met een inkomensachteruitgang waardoor zij meer moeite hebben om de huur te betalen. Huurders met een laag middeninkomen komen in knel doordat zij niet meer terecht kunnen in een sociale huurwoning terwijl zij een koop- of huurwoning in de vrije sector niet kunnen betalen. Voor veel oudere huurders geldt dat zij langer zelfstandig in hun eigen huis moeten blijven wonen.

Als gevolg van deze veranderingen in de samenleving staan AlleeWonen en WEL voor grote vraagstukken, zoals het bouwen van meer en kleinere sociale huurwoningen, het verduurzamen van de sociale huurwoningen, het laag houden van de woonlasten en het leefbaar houden van de wijken. Dit vraagt om extra geld om te kunnen investeren, een goed werkende organisatie met deskundige medewerkers, een goede dienstverlening en voldoende medewerkers in de wijken.

Beide corporaties hebben daarom belang bij een fusie. Het delen van taken levert een kostenbesparing op, dit geld kan vervolgens weer geïnvesteerd worden in de woningen. Door de fusie is er dus meer ruimte om te investeren in Breda, Roosendaal en Etten-Leur. In 5 jaar tijd bespaart de fusiecorporatie € 12 miljoen. Deze € 12 miljoen wordt verdeeld over de drie werkgebieden. Elk werkgebied krijgt voor de eerste vijf jaar € 4 miljoen extra te besteden.

 AlleeWonen hoopt als gevolg van fusie te kunnen bereiken dat:

  • de betaalbaarheid van de huren verbetert;
  • meer woningen onder de huurtoeslaggrens komen;
  • nieuwe kleinere woningen kunnen worden gebouwd;
  • de woningen energiezuiniger worden gemaakt;
  • meer onderhoud en woningverbetering plaats kan vinden.

Een fusie heeft gevolgen voor de organisatie van AlleeWonen en van WEL. Door de fusie zullen circa tien fulltime banen verdwijnen. Daarbij zijn er medewerkers die met pensioen gaan of zelf een andere baan vinden, waardoor het aantal gedwongen ontslagen kleiner zal zijn. Na de fusie bestaat het bestuur uit twee personen. In elke stad blijft een Manager Wonen actief. 

De huurdersadviesraden CHAB en de HAR vinden net als AlleeWonen zelf dat de meerwaarde van de fusie (de kostenbesparing) bij de huurders terecht moet komen.
HuurdersAdviesraad Roosendaal: hoe willen we de meerwaarde van de fusie besteden?
Ook de Centrale Huurdersvereniging AlleeWonen Breda in overleg over de meerwaarde van de fusie

Wat betekent een fusie voor de huurders?

De huurders zullen in eerste instantie niet veel van de fusie merken omdat zij met dezelfde medewerkers en dienstverlening te maken krijgen. De nieuwe corporatie blijft met een kantoor aanwezig in Breda, in Roosendaal en in Etten-Leur. Ook zal in iedere stad een huurdersorganisatie blijven.

Voor de huurders is het van belang dat:

  • de corporatie aanwezig is en goed bereikbaar blijft in de wijken en buurten waar zij bezit heeft (bijvoorbeeld via complexbeheerders, woonconsulenten en wijkopzichters);
  • de betaalbaarheid van de woningen verbetert;
  • het onderhoud van de woningen goed is;
  • de woningen in een prettige woonomgeving staan;
  • de dienstverlening goed blijft en bij voorkeur verbetert.

De huurdersadviesraden CHAB en de HAR vinden net als AlleeWonen zelf dat de meerwaarde van de fusie (de kostenbesparing) bij de huurders terecht moet komen. In de komende maanden zullen de CHAB en de HAR beoordelen of en hoeveel meerwaarde de fusie voor de huurders heeft.

Tijdens de bijeenkomsten op 7 en 9 maart hebben de leden van de verenigingsraad in Breda en de leden van de bewonerscommissies in Roosendaal de volgende mening gegeven over enkele mogelijke bestedingsdoelen van de meerwaarde van de fusie. Onderstaande tabel geeft aan wat huurders het meest belangrijk vinden:

 

In Breda willen de huurders meer geld besteden aan nieuwbouw, omdat daar behoefte bestaat aan meer sociale huurwoningen. In Roosendaal bestaat deze behoefte nauwelijks.

Hoe gaat het traject verder?

AlleeWonen en WEL willen voor 1 juli 2017 het besluit nemen om wel of niet te gaan fuseren, en bij een positief besluit vervolgens goedkeuring aan de Minister vragen. In juni zullen de drie huurdersorganisaties kenbaar maken of zij wel of niet akkoord gaan met de fusie. De periode tot juni wordt benut om nader te bepalen welke inzet de huurders verwachten bij een fusie tussen AlleeWonen en WEL, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen de drie steden. Hierbij overleggen de CHAB en de HAR ook met de gemeenten Breda en Roosendaal. In mei vinden opnieuw bijeenkomsten plaats met de Verenigingsraad in Breda en met de bewonerscommissies in Roosendaal.

De CHAB en HAR zullen de huurders blijven informeren over de fusie-ontwikkelingen. Wilt u naar aanleiding van dit artikel reageren richting een van de huurdersverenigingen dan kan dat. U kunt contact via de mail opnemen met:

De Centrale Huurdersvereniging AlleeWonen Breda, mailadres: riaotterspeer@ziggo.nl

De HuurdersAdviesraad Roosendaal, mailadres: c.uytdewilligen@gmail.com