Sinds 2014 voert AlleeWonen een systematisch asbestbeleid. Afgelopen jaar is de aandacht voor asbest verder aangescherpt , onder meer vanwege strengere regelgeving. Toon Laro, adviseur vastgoedbeheer, legt uit hoe AlleeWonen met asbest omgaat. ‘We kiezen voor een aanpak waarbij we de risico’s zorgvuldig afwegen tegen de kosten. De gezondheid van onze bewoners staat daarbij uiteraard voorop.’

Dat asbest gevaarlijk kán zijn, is algemeen bekend. Vooral als je langdurig in contact komt met losse asbestdeeltjes, de vezels, is er een gezondheidsrisico. Materiaal waarin asbest zit, moet je dan ook nooit breken, doorboren of zelf verwijderen. Maar in veel gevallen kan de aanwezigheid van asbest helemaal geen kwaad. Toon: ‘Zolang het materiaal waarin het is verwerkt heel blijft en het asbest bijvoorbeeld op een onbereikbare plaats zit, is er geen risico. Als asbest moet worden verwijderd, dan gaat AlleeWonen heel zorgvuldig te werk. Dan komen de “mannen in witte pakken” in beeld. Zij verwijderen het asbest onder strenge ARBO-voorwaarden. Dat is niet voor niets; zij werken er dagelijks mee en lopen daarom veel risico.’ 

Nuttig en goedkoop bouwmateriaal

Vanaf de jaren dertig tot en met de jaren tachtig van de vorige eeuw werd asbest vooral ingezet als bouw- en isolatiemateriaal. Asbest was gemakkelijk te verwerken, goedkoop, slijtvast en hittebestendig: dat het gevaarlijk was, wist men nog niet. Asbest werd veel toegepast in bijvoorbeeld daken, gevels, vloeren, schoorstenen en leidingen, maar ook bij de isolatie van CV-ketels, in bloembakken en in warmhoudplaatjes. Vanaf 1979 zijn asbesttoepassingen stapsgewijs verboden. Eerst het blauwe asbest, en later in 1983 het spuitasbest dat veel in de scheepsbouw werd gebruikt. Sinds 1994 is het in Nederland ook verboden om hechtgebonden asbest te verhandelen. In 2024 wil de overheid dat alle asbest daken vervangen zijn.

Veel woningen van AlleeWonen zijn van voor 1994

Toon: ‘Een groot deel van ons woningbestand is van voor 1994. Dan is de kans dus groot dat er ook asbest is gebruikt bij de bouw van die woningen. We zijn nu voor ons totale woningbestand aan het inventariseren of er asbest aanwezig is, welk type asbest het betreft en waar die asbest dan zit. Daarvan gaan we de risico’s in kaart brengen. In de meeste gevallen zal het gaan om hechtgebonden asbest die op onbereikbare plaatsen zit. Dit verwijderen we niet meteen.’ 

Hechtgebonden

De hechtgebondenheid van asbest bepaalt in belangrijke mate het risico ervan. Hechtgebonden betekent dat asbest is verwerkt in een ander materiaal. In dat geval kunnen de asbestvezels niet los komen uit dat materiaal, behalve als het materiaal gebroken wordt of verweerd is. Zolang het materiaal dus heel blijft, is er nauwelijks risico. Voorbeelden van hechtgebonden asbest zijn asbestcement gevelplaten, dakleien, vensterbanken, imitatiemarmer, rioolbuizen en harde asbesthoudende vinyltegels. Niet-hechtgebonden asbest komt veel minder vaak voor. Voorbeelden daarvan zijn spuitasbest, asbestkarton, asbesthoudend brandwerend board, vinylzeil met asbesthoudende onderlaag en sterk verweerd asbestcement. 

Zolang het materiaal waarin het is verwerkt heel blijft en het asbest bijvoorbeeld op een onbereikbare plaats zit, is er geen risico voor de gezondheid.
Asbest is een natuurmateriaal bestaande uit verschillende soorten en kleuren
Losse asbestdeeltjes, de vezels, kunnen een gezondheidsrisico opleveren

De bereikbaarheid van asbest

Toon: ‘Naast de hechtgebondenheid kijken we naar de bereikbaarheid van de asbest. Asbest is in gebouwen en woningen vaak verwerkt op plaatsen die zonder breekwerk en  bij dagelijks gebruik niet direct een risico vormen om beschadigd te raken: die asbest duiden we aan als niet (direct) bereikbaar. Voorbeelden daarvan zijn een asbestleiding in een gemetseld kanaal en kozijnbeplatingen. Verder kijken we naar de conditie van het asbest.’ 

Risicoclassificatie en maatregelen

‘Na de inventarisatie komen we tot een risicoclassificatie’, aldus Toon. ‘Afhankelijk van het risico gaan we het asbest direct verwijderen, isoleren of vervangen. Is er geen direct risico dan kan het zijn dat we geen maatregelen nemen. Uiteraard saneren we direct als er een groot gezondheidsrisico is. En we sluiten met de sanering bij voorkeur  aan bij “natuurlijke” momenten, zoals grootonderhoud, mutaties en sloop.’ 

 

Inventarisatie in 2019 klaar

Het zal tot ongeveer 2019 duren voordat het totale woningbezit van AlleeWonen systematisch in kaart is gebracht. Toon: ‘We zijn al wat jaren bezig met inventariseren. Veel informatie zit in de hoofden van medewerkers. Alle gegevens die onze opzichters en woningbeheerders in de loop der jaren hebben verzameld, bijvoorbeeld bij mutaties, hebben we opgeslagen. Daarnaast hebben we veel informatie uit bouwtekeningen kunnen halen.’

Samenwerking met asbestinventariseerder RPS

‘Maar om ál het aanwezige asbest in kaart te brengen en daar effectief beleid op te kunnen maken, is meer nodig’, gaat Toon verder. ‘Daarom zijn we samen met RPS een pilot gestart waarin we van vijf complexen een uitgebreide risico-inventarisatie maken. Die vormt samen met wat we al weten de basis voor de inventarisatie van ons hele bezit. De aangetroffen asbesttoepassingen beoordelen we met een systematiek die TNO heeft opgesteld voor het bepalen van risicoclassificaties.’ 

Presentatie voor huurdersbelangenverenigingen

Toon heeft het asbestbeleid van AlleeWonen afgelopen september ook aan de huurdersbelangenverenigingen in Roosendaal (HAR) en Breda (CHAB) gepresenteerd. De HAR en de CHAB kunnen zich prima vinden in de aanpak van AlleeWonen. Cees Uytdewilligen, voorzitter van de HAR: ‘Natuurlijk zou je het liefst willen dat alles in één keer zou worden gesaneerd, maar dat is veel te duur en onnodig. We moeten naar de realiteit kijken. De verhouding tussen de kosten en baten van asbestsanering moet niet scheef worden.’ 

Fijnstof is een groter probleem

Jan Elands staat ook achter het beleid van AlleeWonen. De voorzitter van de CHAB is een kenner, want als HBO-docent heeft hij ooit de opleiding Milieukunde opgezet. ‘We moeten de problemen van asbest niet onderschatten en als het nodig is maatregelen nemen. Maar we moeten daarin niet overdrijven. De feiten moeten de basis vormen voor het beleid. Fijnstof is in mijn optiek een veel groter probleem waar naar gekeken moet worden: dat wil ik nog wel eens op de agenda zetten.’

Wil je het fijne weten over asbest? Het volgende filmpje geeft je nog meer informatie:

 

 Tekst: Etienne van Breugel E10 communicatie