Het aantal incidenten met personen die verward gedrag vertonen rondom de woning of op straat is de laatste jaren fors gestegen. Hoewel er recentelijk nogal wat kritiek kwam op het containerbegrip “verwarde personen”, merken Francis de Jong, woonconsulent in Roosendaal, en Claudia Meurs, wijkconsulent in Breda, wel degelijk dat er een toename is van overlast die wordt veroorzaakt door verwarde mensen. Ze pleiten voor minder vrijblijvendheid in de aanpak ervan en een betere spreiding van huisvesting voor verwarde mensen, zodat ze wat meer verdeeld over de woongebouwen huisvesting kunnen vinden. Een nauwere samenwerking tussen betrokken instanties moet tot verbetering leiden.

Meer overlast door bezuinigingen

Francis: ‘Onder meer door bezuinigingen in de zorg- en welzijnssector zien we een toename van personen die problemen veroorzaken in buurten en wooncomplexen: bewoners die zichzelf verwaarlozen, hun woning vervuilen of overlast veroorzaken door drank- en drugsmisbruik. Onze andere bewoners hebben daar veel last van. Wat opvalt, is dat er duidelijk minder begeleiding is voor de overlastgevers vanuit de zorg- en hulpverlenende instanties. Als ik naar een aantal casussen kijk, dan zie ik dat het aantal uren begeleiding fors is bijgesteld. Daar zit een deel van de problematiek.’ 

Concentratie van kwetsbare huurders

‘Naast de verminderde begeleiding zien we een concentratie van verwarde personen in bepaalde complexen en buurten’, gaat Claudia verder. ‘Door extramuralisering van de GGZ-zorg worden mensen gedwongen op zichzelf te gaan wonen: in de meeste gevallen gaat het om eenpersoonshuishoudens met een beperkt budget; die komen dan vaak in dezelfde wooncomplexen terecht. Door de passendheidstoets (een onderdeel van de nieuwe Woningwet van 2015) ontstaat een concentratie van kwetsbare huurders. En die beïnvloeden elkaar niet altijd even positief.’ Francis: ‘Heel vaak denken bewoners dat wij woningzoekenden met een rugzakje zomaar ergens plaatsen maar dat is niet zo. We hebben wel bijzondere verhuringen en mensen met een begeleidingscontract, maar de meeste mensen die uiteindelijk problemen gaan veroorzaken, reageren op de reguliere manier via Klik voor Wonen: van hen is niet altijd een huurdersverleden bekend. We hebben te maken met strenge privacyregels en kunnen bijvoorbeeld geen antecedentenonderzoek doen.’ 

Beperkte mogelijkheden

Veel van de personen met verward gedrag hebben te maken met een verstandelijke beperking, psychische problematiek en bijvoorbeeld problemen zoals verslaving of schulden. Met hun gedrag kunnen ze een gevaar vormen voor zichzelf en voor hun omgeving. Claudia: ‘We willen er graag voor zorgen dat de situatie voor de mensen zelf en voor hun omgeving beheersbaar blijft maar als woningcorporatie hebben we beperkte mogelijkheden. We zetten wel bemiddeling in, betrekken de aanwezige hulpverlening of melden een bewoner bijvoorbeeld aan voor zorg. Bij weigering van zorg kunnen we zelfs Bemoeizorg inschakelen, maar het blijft een probleem als iemand écht niet wil verbeteren of geen begeleiding accepteert. Dan blijven we gebonden aan het Huurrecht. Heel vaak denken omwonenden: “Ik heb het gemeld, er is een probleem, dus dan wordt het morgen opgepakt”. Wij moeten heel vaak uitleggen dat we een heel dik dossier nodig hebben en dat het dan nog maanden kan duren voordat wij tot actie kunnen overgaan. We hebben veel liever dat het niet zo ver komt: eerder signaleren en sneller aanpakken is een betere oplossing.’ 

Persoonlijk verhaal van Danny over zijn  psychoses en zijn behoefte dat instanties beter met elkaar communiceren en de zorg delen.

Minder vrijblijvend

Beide dames zijn het er over eens dat ze met een minder vrijblijvende aanpak de problemen voor een deel zouden kunnen tackelen. Claudia: ‘Voor de gevallen waarin iemand geen hulp wil maar wel voortdurend overlast veroorzaakt, zou er een soort tussenweg moeten zijn. Het is aan de hulpverlening om te bepalen wat dat dan precies moet zijn. Nu is het zo dat als mensen écht niet willen, je helemaal geen middelen hebt om iets af te dwingen. Een instrument waarmee je eerder kunt ingrijpen zou het wel gemakkelijker maken: voor de persoon zelf, voor de buurt en voor de hulpverlening.’ Francis: ‘Ik ben er van overtuigd dat we nog nadrukkelijker naar een gemeenschappelijk belang moeten zoeken met alle betrokken partijen. Ik begrijp natuurlijk dat zorginstellingen een vertrouwensband hebben met hun cliënten, maar ze mogen best tegen een cliënt zeggen dat wanneer ze zich niet beter gaan gedragen ze problemen krijgen met de woningcorporatie. Tegelijkertijd snappen we dat zorginstellingen ook tegen hun grenzen aanlopen van wat ze mogen en kunnen: dat is soms erg moeilijk uit te leggen aan de buren van een overlastgever.’

We willen er graag voor zorgen dat de situatie voor de mensen zelf en voor hun omgeving beheersbaar blijft maar als woningcorporatie hebben we beperkte mogelijkheden. We zetten wel bemiddeling in, betrekken de aanwezige hulpverlening of melden een bewoner bijvoorbeeld aan voor zorg. Bij weigering van zorg kunnen we zelfs Bemoeizorg inschakelen, maar het blijft een probleem als iemand écht niet wil verbeteren of geen begeleiding accepteert.

Verantwoordelijkheid nemen

In beide gemeenten wordt op verschillende fronten hard gewerkt aan een sluitend plan van aanpak voor verwarde en overlastgevende personen. Hiermee zijn we in de ene gemeente wat verder dan in de andere. Francis: ‘Uiteindelijk zal dat er toe moeten leiden dat er één partij is die de kaarten in beheer heeft en die vanuit daar gaat aansturen welke zorg er nodig is en wat er moet gebeuren. Die partij moet ook de verantwoordelijkheid nemen. Nu is het nog al eens zo dat er verschillende problematieken zijn bij iemand en dat niemand de bal oppakt; vervolgens wordt er niet doorgepakt. Eén iemand moet de regie krijgen en gaan kijken welke partijen er nodig zijn om een situatie onder controle te krijgen. Moet de GGZ er bij dan moet de GGZ  er bij, moet Novadic er bij, dan moet Novadic er bij, moet SMO er bij, dan moet SMO er bij, moet de woningcorporatie er bij, dan moet de woningcorporatie er bij.’ 

Sluitende aanpak en bouwstenen in theorie waar ook AlleeWonen voorstander van is.

De puzzel compleet maken

Claudia: ‘Waar we nu ook nog vaak tegen aan lopen is de privacy: partijen mogen niet aan elkaar vertellen wat er speelt bij een cliënt. Maar goed, als iedereen in zijn eigen wereldje zit en de informatie niet op één hoop bij elkaar komt, dan wordt het heel lastig. Het mooiste is natuurlijk om zo’n bewoner helemaal in beeld te brengen. Zit er zorg op een client? Ja? Wat voor zorg dan, hoeveel, wat is de achtergrond van die bewoner? Zit er huurschuld, wat is er bij de corporatie gebeurd, wat is er bij de uitkerende instantie gebeurd? Dan maak je de puzzel compleet. En als je puzzel met elkaar compleet kunt maken, dan kun je het ook samen aanvliegen. Ontbreken er stukjes, dan vergeet het maar. We moeten elkaar nog veel meer gaan versterken en focussen op het gemeenschappelijke: het welzijn van de bewoner en zijn omgeving. Daar gaat het uiteindelijk om.’

Tekst: Etienne van Breugel van E10 communicatie